Tussentijds rapport proefproject passiefscholen: tot 82% minder energieverbruik mogelijk

passiefschool-wuustwezel-2.jpg

Met de oplevering van 14 passiefscholen uit het proefproject passiefscholen publiceert AGION, het Agentschap voor Infrastructuur in het Onderwijs, het tweede tussentijdss rapport.  Pixii - Kennisplatform Energieneutraal Bouwen staat hierbij in voor de trajectbegeleiding, certificatie, analyse van de energiemonitoring en formulering van aanbevelingen naar aanleiding van de gebruikerservaringen van onderwijspersoneel en leerlingen.

In 2007 lanceerde de Vlaamse Regering het proefproject passiefscholen. Daarmee wil de Vlaamse overheid scholen sensibiliseren om energiezuinig te bouwen. 19 scholen werden geselecteerd om passief, of energiezuinig, te bouwen. Ondertussen zijn 14 scholen gebouwd en die hebben ook een passiefcertificaat behaald. Het gaat over scholen in Antwerpen, Anzegem, Assenede, Bilzen, Bocholt, Etterbeek, Groot-Bijgaarden, Heusden-Zolder, Kalmthout, Londerzeel, Turnhout, Wuustwezel, Zandhoven en Zwevegem.

Uitgebreid onderzoek bij 5 passiefscholen toont aan dat het energieverbruik in passiefscholen veel lager ligt dan in gewone scholen, van 48% minder verbruik tot zelfs 82% minder energieverbruik. Het verschil in percentages zit vooral in het gebruik van meer recente technologie. Het kost gemiddeld dan wel 14% meer om een passiefschool te bouwen, toch is de terugverdientijd vrij kort. De extra investering is bij de onderzochte scholen tussen 5 en 14 jaar tijd terug verdiend.

De cijfers tonen aan dat de combinatie van kwaliteitsvol, kostenefficiënt én energiezuinig bouwen ook voor scholen mogelijk is. Een aandachtspunt is wel het zomercomfort. Om een goed binnenklimaatcomfort te garanderen is het belangrijk dat daar vanaf de ontwerpfase rekening mee wordt gehouden. Een goed binnenklimaat heeft rechtstreekse invloed op het leren zelf. Ook de luchtkwaliteit verdient aandacht, alle passiefscholen werken met een mechanisch ventilatiesysteem en dat levert goede resultaten op, maar daarbij is wel de nodige voorafgaande studie en nazorg belangrijk. 5 passiefscholen binnen het proefproject werken met hernieuwbare energie onder de vorm van zonnepanelen, vaak gecombineerd met een warmtepomp.

Een passiefschool bouwen is anders dan een passief huis bouwen. De specifieke noden voor scholen met ruime klaslokalen, grote brede gangen, grote refters zorgen voor extra uitdagingen. Uit dit rapport blijkt dat energiezuinig bouwen mooie resultaten oplevert tegen een aanvaardbare kostprijs.

Kostenefficiënt én duurzaam bouwen

Ook uit het rapport ‘kostenefficiënt bouwen’ blijkt dat duurzaam bouwen mogelijk is tegen een aanvaardbare kostprijs. Dat rapport vormt de directe aanzet tot een leidraad voor scholen, een praktische handleiding voor wie het bouwen van een school geen dagelijkse taak is. De studie benadrukt dat de 4 fasen van een schoolbouwproject, de voorbereiding, het ontwerpen, het bouwen en het gebruik, allen van even groot belang zijn.

De voorbereidingstijd duurt ongeveer even lang als de effectieve bouwtijd van de school. Het is ook op dat moment dat de belangrijkste beslissingen worden genomen. Hoe beter de voorbereiding, hoe minder aanpassingen er nadien nog moeten gebeuren. Het is ook de fase waarbij leerkrachten, leerlingen en personeel betrokken worden in het project. Het zullen uiteindelijk zij zijn die in het gebouw werken en school lopen. Aandacht voor geld, organisatie, tijd, informatie, communicatie en kwaliteit zijn noodzakelijk net zoals een goed kostenmanagement.

In de tweede fase, het ontwerpen, staan veiligheid en gezondheid van de gebruikers voorop. Want een aangenaam en gezond binnenklimaat heeft een rechtstreekse invloed op het leren en werken. De derde fase die in de handleiding beschreven wordt, is de bouwfase. Daar staan richtlijnen over hoe de aanbesteding kan gebeuren, hoe kosten bespaard kunnen worden en is er aandacht voor zogenaamde faalkosten. Kosten die het gevolg zijn van een slechte afstemming tussen verschillende aannemers of firma’s. Het project eerst virtueel bouwen en in kaart brengen, geeft een unieke kijk op het uiteindelijke project, zo kunnen bepaalde mankementen tijdig gecorrigeerd worden, voor de bouwfase effectief start.

De laatste en langstdurende fase is het effectieve gebruik van het nieuwe schoolgebouw. Daarbij gaat veel aandacht naar een gedeeld gebruik, een focus op aanpasbare, combineerbare infrastructuur geeft een grote meerwaarde. Ook hier is een goede planning van bijvoorbeeld de onderhoudskosten een voordeel. Met aandacht voor preventief onderhoud en tijdige vervanging van bepaalde materialen, kunnen opnieuw veel kosten bespaard worden.

Vlaams minister van Onderwijs Hilde Crevits: “Het meest gebruikte argument om niet duurzaam en energiezuinig te bouwen is de kostprijs. Het rapport over de passiefscholen en het rapport kostenefficiënt bouwen tonen het tegendeel aan. Initieel is de kostprijs voor het bouwen weliswaar 14% hoger dan bij ‘klassiek’ bouwen, maar de terugverdientijd is relatief kort, tussen 5 en 14 jaar. Want passiefscholen besparen veel op hun energieverbruik, sommige zelfs tot 82%. Ook het rapport kostenefficiënt bouwen toont aan dat met een grondige voorbereiding en aandacht voor een goede planning er heel duurzaam gebouwd kan worden. Aan de hand van dit rapport is dan ook een handige leidraad opgesteld voor al wie een nieuwe school bouwt, van schoolbesturen tot bouwheren.”

 

Lees ook het persbericht n.a.l.v. het eerste tussentijdse rapport.